Het is zo’n prachtige onderwijskundige term: ‘Wij werken volgens het teacher-in-role principe’.
Toen ik dat voor het eerst las, dacht ik: ‘Teacher in wattes?’
Het grappige is wel dat we binnen EnMuziek een soort per ongeluk met dit teacher-in-role principe in aanraking kwamen.
Wellicht herinner je je nog de Coronatijd. Voor veel mensen inmiddels een (bijna) vergeten tijdperk. Niet voor iedereen trouwens; persoonlijk word ik er nog iedere dag mee geconfronteerd, omdat mijn man Long Covid heeft. En ik ben lang niet de enige.
Maar dat is stof voor een andere blog…
In die Coronatijd was het voor ons een flinke uitdaging om musical-in-1-dag projecten te draaien. Veel projecten werden afgezegd en we hebben in die tijd veel geleerd over annuleringsvoorwaarden, omgaan met tegenslagen en denken in mogelijkheden.

Eind juni stond de musical-in-1-dag ‘BinGO!’ op het programma bij een school in Schoonhoven. De directeur was ontzettend enthousiast (ook over de musical) en gunde zijn kinderen een leuke dag, na alle beperkingen die er waren geweest. Ook waren er twee juffen die met pensioen gingen. Hij wilde hen graag in het zonnetje zetten en het liefst ook een glansrijke rol geven in de voorstelling.
Alleen… doordat de klassen nog in ‘cohorten’ werkten (weer zo’n lekkere term die niks anders betekent dan dat klassen niet bij elkaar mochten zijn), konden we geen voorstelling met de hele school draaien.
En toen bedachten we het concept ‘film’! Een concept dat we daarna nog vaker zouden gebruiken. Het haalt het niet bij een live voorstelling, maar was wel een prima alternatief.
Op een ‘normale’ musicaldag krijgt iedere groep een workshop van 30 – 45 minuten. Hierin leren de kinderen alles wat nodig is om mee te spelen in hun stukje van het verhaal (iedere groep speelt namelijk mee in één scène). Als alle workshops zijn gegeven, volgt een korte generale repetitie en tenslotte vieren we feest tijdens de voorstelling.

In de filmversie wijzigde dit format: De groep kreeg een workshop en direct daarna volgde het opnemen van de scène waar de groep in speelde.
Wat ik zelf lastig vond aan dit concept, was dat dit betekende dat ik de hele dag als oma Sjaan in mijn blauw-witte rok, blouse met warme rode trui, afgezakte panty’s en een grijze pruik op mijn koppie mocht rondbanjeren. En het was eind juni, lees: flink warm!

Normaal gesproken gaven we de workshops in ons luchtige EnMuziek shirtje, kleedden we ons daarna om en gingen los in de voorstelling.
Tja… het was niet anders. Het alternatief was het project verschuiven. En na maanden geen project draaien, was ik juist zo blij dat we weer mochten knallen!
Dus oma Sjaan ging overstag, zette haar beste beentje voor en met haar rots in de branding oma Bep naast zich, sloeg zij zich er strijdvaardig doorheen!
En wat bleek?
Doordat we de hele dag zo ‘achterlijk’ verkleed rondliepen, kregen we kinderen veel makkelijker en sneller mee in het verhaal! En waar sommigen met wat schaamte hun attributen of kostuums aantrokken, werd de drempel daarin voor veel kinderen ook lager; want tja… die oma’s zagen er ook gek uit.



En zo was het teacher-in-role principe er ineens! Sindsdien loop ik regelmatig in werkkleding waar ik inmiddels trots op ben: als hoogbejaarde oma al bingo spelend en reizend door allerlei nieuwe landen, of verkleed als de James Bond achtige kip Curry, die altijd wel een oplossing heeft voor de problemen van kip Kelly, in de musical-in-1-dag ‘Kip Lekker’.
Another day at the office.
Je zal maar zo’n baan hebben…
En dat teacher-in-role principe?
Helemaal zo gek nog niet!
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.